Het is zo’n vraag die je misschien niet dagelijks hardop stelt, maar die misschien wel iets losmaakt. Jaloezie is een emotie die vaak stilletjes meeloopt, zonder dat we hem bewust uitnodigen. Toch blijkt uit wetenschappelijk onderzoek dat we er verrassend veel tijd aan besteden, zonde toch?
Wist je dat mensen gemiddeld zo’n 10 tot 15 procent van hun wakkere tijd bezig zijn met sociale vergelijking? Zeker met sociale media in onze broekzak is dat makkelijker dan ooit. Jaloezie is daar één van de meest voorkomende bijproducten van.
Dat betekent dat we ongemerkt een flink deel van onze energie gebruiken om te kijken naar wat anderen hebben, doen of lijken te zijn. En als je dat zo leest, denk ik maar één ding: waarom? Wat levert het je uiteindelijk op, behalve mogelijk ongenoegen over je eigen bestaan?
Jaloezie als emotie: nuttig of vooral vermoeiend?
Psychologen geven jaloezie een functie. Het zou ons alert maken op mogelijke bedreigingen: iemand anders heeft iets wat jij niet hebt, en dat zou jouw positie kunnen ondermijnen. Denk aan status, aandacht, succes of materiële zaken. In theorie kan jaloezie je aansporen om te groeien of te streven naar meer. Maar wanneer is dan genoeg, genoeg? Vraag ik mij dan direct af.
En eerlijk? In de praktijk zie ik vooral de keerzijde. Jaloezie leidt zelden tot echte voldoening. Veel vaker mondt het uit in frustratie, ruzie, onzekerheid en een voortdurend vergelijken met anderen. En precies daarom vind ik jaloezie persoonlijk één van de meest nutteloze emoties die er zijn. Het geeft je niets. Geen rust, geen richting, geen verbinding, eigenlijk helpt het helemaal niet.
Dankbaarheid in plaats van vergelijking
Ik ben ontzettend dankbaar dat ik naast nooit écht boos te zijn, ook jaloezie nauwelijks ken. Natuurlijk voel ik wel eens frustratie of irritatie, maar deze emotie? Voel ik gelukkig niet vaak.
Begrijp me niet verkeerd: ik kan absoluut denken oh wauw, dat is mooi. Maar negen van de tien keer voel ik niet de behoefte om het ook te moeten hebben. En dat moeten, dát maakt het groot. Zodra verlangen verandert in verplichting, verdwijnt het plezier. Dat klinkt misschien zweverig, maar ik meen het oprecht: ik ben dankbaar voor wat er op mijn pad komt. Voor wat ik heb. Voor grote dingen, maar juist ook voor de kleine.
Wat daarbij hoort, is dat ik vaak niet eens zo goed weet wat ik beter, anders of meer zou willen. En misschien is dat geen gebrek aan ambitie, maar juist een vorm van tevredenheid? Natuurlijk denk ik soms: Oeh, dat is leuk! Maar vaak voelt de verhouding tussen wat iets kost en wat je ervoor krijgt niet in balans. En dan hoeft het voor mij al snel niet.
Geen jaloezie, maar een gemiste kans
Heel soms is er iets anders aan de hand. Dan denk ik: chips, als ik had geweten dat dit bestond, had ik het eerder gedaan. Of als iemand iets heeft wat ik ook verzamel, kan ik het ook leuk vinden. Dat voelt voor mij niet als jaloezie, maar als een gemiste kans of iets samen leuk vinden net zoals dezelfde band of artiest waarderen.
Afgelopen week nog, had ik dit met een Pandora-bedel. Ik wist niet dat hij bestond, tot ik hem zag en het liefste ook wilde, maar helaas was hij online uitverkocht. En uiteindelijk kreeg ik hem alsnog. Soms komen dingen gewoon weer terug. Met een omweg.
Dat vertrouwen – dat niet alles meteen hoeft – geeft rust, en daar begrensd ik mijzelf ook mee denk ik. Het haalt de scherpe randjes van vergelijken weg. Want wat nu niet is, kan later alsnog komen. Of niet. En ook dat is oké.
Jaloezie in vriendschappen?
Op sociaal vlak herken ik jaloezie misschien nog wel het minst. Ik ben niet jaloers op wie je kent, hoeveel vrienden je hebt of hoe vaak je elkaar ziet. Ik heb een paar mensen die ik regelmatig zie, een paar die ik zelden zie en een paar die ik amper zie. En toch zijn al die vriendschappen me even dierbaar.
Ik kijk niet naar het gras van een ander. Want laten we eerlijk zijn: dat gras moet je ook onderhouden. Het kost tijd, aandacht en energie. Ik ben al heel dankbaar als er momenten zijn waarop mijn eigen gazonnetje er oké uitziet. Laat staan als mijn gazon nog groter zou zijn, met nog veel meer bloemetjes en plantjes. Ik weet zeker dat het dan niet goedkomt. hahah!
Wat levert jaloezie je eigenlijk op?
Dus ja, jaloezie zal vast ergens voor dienen. Misschien om je te laten streven naar meer. Of anders. Of verder. Maar ik snap het nut niet zo goed. Want als een emotie je vooral laat focussen op wat je mist, in plaats van op wat er is, dan raakt het toch zijn waarde kwijt.
Dankbaarheid daarentegen, en dat wordt steeds vaker bevestigd door onderzoek, vergroot je gevoel van welzijn, vermindert stress en helpt je om steviger in het leven te staan. Niet omdat alles perfect is, maar omdat je leert zien wat wél klopt. En alles wat niet klopt, is er natuurlijk ook, maar het verdragen dat iets niet helemaal is nog of ooit zal zijn. Is ook waardevol.
Minder vergelijken, meer leven
Misschien is jaloezie niet per se fout, maar wel overgewaardeerd. En misschien is het grootste cadeau dat je jezelf kunt geven precies dit: stoppen met vergelijken en beginnen met waarderen. Voor wat je hebt. Voor wat er komt. En zelfs voor wat je nog niet weet.
Want in die ruimte, waarin niet alles ingevuld hoeft te zijn, groeit zelden jaloezie. Daar groeit rust. En eerlijk? Dat voelt voor mij als rijkdom.
Lees ook:
👉 Merk je dat jouw tiener zich ook continu vergelijkt op social media? Lees hier hoe ik daarmee omga.
