Die vraag stelde Michael me een paar dagen geleden. Misschien zonder dat hij zelf doorhad hoe groot de vraag was, maar hij bleef hangen.
Niet omdat hij hem stelde – kinderen hebben altijd al grote vragen – maar omdat hij hem stelde vanuit angst. Echte angst. De angst wordt gevoed door het nieuws van vandaag. Door beelden, door koppen, door verhalen die elkaar in rap tempo opvolgen. Het is een angst die zelfs een tiener voelt, terwijl hij eigenlijk nog bezig zou moeten zijn met ontdekken wie hij is.
“Hoe bedoel je?” vroeg ik hem.
Hij vertelde over Trump. Over zijn plannen en over hoe machtige mannen lijken te beslissen over landen, grenzen en mensenlevens. Ook sprak hij over de macht van grote bedrijven, over kapitalisme, over het gebrek aan gelijke kansen en over de enorme druk om te presteren.
En toen zei hij iets wat me raakte:
“Het voelt alsof alles al vastligt. Alsof er straks geen plek meer is.”
Ik moest even slikken.
Want hoe leg je aan je kind uit dat zijn zorgen terecht zijn, zonder hem nog banger te maken? En als ik heel eerlijk ben: ik vind het zelf soms ook allemaal best beangstigend.
Waar komen die zorgen vandaan?
Toen ik hem vroeg waar zijn grootste angst zat, ging het niet alleen over oorlog. Die was er zeker. Hij noemde Rusland en Oekraïne, de spanningen tussen de VS en Groenland, en China en Taiwan. Macht die verschuift, grenzen die ter discussie staan.
Maar het ging óók over bestaanszekerheid. Over wonen. Over werk. Over kansen. Over de vraag of hard werken straks nog wel iets oplevert. Of er nog ruimte blijft om fouten te maken, om te zoeken, om te groeien.
Was dit bij mij ook zo? Nee, niet op deze manier. En bij mijn ouders? Zeker niet. Dat besef kwam hard binnen.
Bestaanszekerheid en macht
Het eerlijke antwoord, en dat heb ik hem ook gegeven, is dat onze ouders en de leiders van hun generatie deze wereld hebben gevormd zoals hij nu is. Niet per se met slechte bedoelingen, maar wel met keuzes die op de lange termijn grote gevolgen hebben gehad.
In de afgelopen decennia is er enorm veel geprivatiseerd. Zaken die ooit een publieke verantwoordelijkheid waren, zijn steeds meer overgelaten aan de markt. Winst werd te vaak belangrijker dan mensen. Publieke belangen verschoven naar economische belangen. En bestaanszekerheid werd steeds minder vanzelfsprekend.
In mijn wereld waren er nog zekerheden. Meer vaste structuren. Grenzen waren er nog, letterlijk en figuurlijk. Maar door de generaties voor ons is de basis gelegd voor een wereld waarin kapitalisme steeds meer de boventoon is gaan voeren. Waar genoeg nooit genoeg is. Waar groei altijd meer moet zijn.
Een wereld die onvoorspelbaar voelt
Dus ja, het klopt dat de wereld nu onvoorspelbaarder voelt dan ooit. Dat gevoel komt niet uit het niets. Oorlogen zijn er altijd geweest. Het verschil zit in hoe ze worden gevoerd en hoe zichtbaar ze zijn geworden.
Dankzij technologie komt alles direct binnen. Altijd. Overal. Ongefilterd. Waar eerdere generaties het nieuws lazen in de krant, leven jongeren er nu middenin via hun telefoon. Spanningen zijn niet langer ver weg, ze zitten in je broekzak.
Daar komt bij dat ook bestaanszekerheid minder vanzelfsprekend is geworden. Veel hangt af van hoe de komende jaren zich ontwikkelen. De komende vijf jaar zullen daarin bepalend zijn.
Maar het is belangrijk om te blijven benoemen: niets staat vast. Geschiedenis beweegt in golven. Macht verschuift. Systemen die te strak worden ingericht, lopen uiteindelijk vast. Dat maakt deze tijd spannend en onzeker, maar het betekent ook dat verandering altijd mogelijk blijft.
Als ouder heb ik ook geen antwoord
Ik heb Michael ook verteld wat misschien wel het moeilijkst was om hardop te zeggen. Dat ik het zelf ook niet weet. Dat zelfs ik, als zijn moeder, geen duidelijk antwoord heb op hoe zijn toekomst eruitziet.
Als techbedrijven en grote machthebbers steeds meer invloed krijgen zonder echte tegenmacht, dan is er weinig scenario dat ons als mensen ten goede komt. Dan verdwijnt menselijkheid naar de achtergrond. Maar als wereldleiders wel grenzen durven te stellen aan macht en groei, dan is er misschien nog ruimte voor hoop.
En misschien ligt die hoop niet alleen bij leiders, maar juist bij zijn generatie.
Waarom deze generatie ertoe doet
Dit is namelijk ook de generatie die vragen stelt. Die ongelijkheid benoemt. Die mentale gezondheid bespreekbaar maakt. Die niet zomaar accepteert dat “zo doen we het nu eenmaal”. Michael en zijn leeftijdsgenoten zien feilloos waar het wringt.
Dat is soms beangstigend, maar het is ook krachtig. Ik heb hem gezegd dat zijn toekomst niet vastligt. Dat hij niet hoeft te weten hoe alles eindigt. Dat niemand dat weet.
“Jullie generatie is niet machteloos, lieve Michael. Jullie zijn misschien wel precies op tijd.”
Een realistische, maar liefdevolle boodschap
Nee, ik kan hem en zijn zusje geen garantie geven op zekerheid. Ik kan hen niet beloven dat alles goed komt. Dat zou niet eerlijk zijn.
Maar ik kan hen wel beloven dat ze niet alleen zijn. Dat hun zorgen serieus genomen mogen worden. En dat de wereld altijd is veranderd door mensen die bleven nadenken, vragen stellen en voelen, zelfs wanneer dat ongemakkelijk was.
Misschien is dat wel de belangrijkste boodschap die ik hen kon meegeven. Hoop betekent niet dat alles goed komt. Hoop betekent dat er altijd ruimte blijft om bij te sturen. En zolang zij vragen blijven stellen, blijf ik luisteren, naast hen staan en meedenken.
Lees ook:
👉 Maakt al dat nieuws op zijn telefoon hem onzeker? Lees hier waarom ik digitaal strenger ben geworden.
